KVLONieuwsArtikel

Investeren in bewegen begint op school

KVLO Nieuws  |  18 september 2026

​De Miljoenennota 2027 bevat enkele aanvullende investeringen in sport en bewegen. Dat is positief, maar de omvang ervan blijft bescheiden in verhouding tot de grote maatschappelijke opgaven. Te veel mensen bewegen onvoldoende, verschillen in sport- en beweegdeelname nemen toe en de druk op accommodaties, verenigingen en professionals groeit. Dat vraagt om een langetermijnaanpak waarin sport, bewegen en onderwijs veel sterker met elkaar worden verbonden.​

Wie duurzaam wil investeren in een sportieve en gezonde generatie, begint op school. Daar bereiken we alle kinderen en jongeren. Goed bewegingsonderwijs legt de basis om met plezier, vertrouwen en vaardigheid te blijven bewegen. Op school, bij een sportvereniging en in het dagelijks leven.
 
De plannen bieden aanknopingspunten om sportbeleid en onderwijsbeleid sterker met elkaar te verbinden. De voorgenomen investeringen in accommodaties en de Brede Regeling Combinatiefuncties kunnen scholen en gemeenten helpen een omgeving te creëren waarin kinderen niet alleen tijdens de gymles, maar gedurende de hele schooldag meer bewegen. Benut daarbij de deskundigheid van de vakleerkracht bewegingsonderwijs, samen met het schoolteam en lokale partners.
 
Bewegingsonderwijs en de beweegrijke school versterken elkaar. In de lessen leren kinderen goed en verantwoord bewegen. Daarbuiten krijgen zij de gelegenheid om het geleerde toe te passen, nieuwe activiteiten te ontdekken en bewegen een vanzelfsprekend onderdeel van hun dagelijks leven te maken. Vanuit die samenhang kan ook de ambitie van het kabinet voor één extra beweegmoment per week verder groeien naar dagelijks bewegen voor ieder kind.
Daarvoor zijn voldoende bevoegde en goed opgeleide leraren nodig. De academies voor lichamelijke opvoeding en de beroepsgroep werken samen aan de kwaliteit van het vak en aan de professionele ontwikkeling van leraren. De ontwikkeling van nieuwe kerndoelen biedt een uitstekend moment om ook landelijk te investeren in de vertaling daarvan naar de onderwijspraktijk.
 
Ook voor jongeren in het mbo liggen er kansen. Juist in deze levensfase veranderen beweeggewoonten en neemt de sportdeelname vaak af. Door bewegen en bewegingsonderwijs een vaste plaats te geven binnen het mbo, dragen we bij aan gezondheid, welzijn, sociale verbinding en studiesucces. Daarmee wordt de doorgaande lijn van primair en voortgezet onderwijs naar het mbo versterkt.
 
De KVLO en ALO Nederland​ zien vier logische vervolgstappen:
  1. Borg kwalitatief bewegingsonderwijs als fundament van het sport- en beweegbeleid;
  2. Benut de investeringen in accommodaties ook voor goede en voldoende ruimte voor bewegingsonderwijs;
  3. Benut binnen de beweegrijke school de deskundigheid van de vakleerkracht;
  4. Geef bewegen en bewegingsonderwijs een structurele plaats in het mbo.
 
De Miljoenennota biedt een aanleiding om verder te bouwen aan een samenleving waarin iedereen kan sporten en bewegen. Dat vraagt om gerichte keuzes en structurele investeringen. De basis leggen we vroeg, voor ieder kind en iedere jongere. Investeren in bewegen begint op school.


Meer lezen over dit onderwerp? Klik op onderstaande tag voor meer artikelen: