KVLOWat we doenHulp & Advies

Thema BSM

Examenvak BSM Het examenvak Bewegen Sport en Maatschappij (BSM) wordt sinds 1999 aangeboden in de bovenbouw havo en sinds 2000 ook op vwo. De kern van BSM is in het leren bewegen, kiezen, arrangeren en begeleiden in bewegingssituaties, niet alleen voor jezelf, maar ook voor anderen. Kortom, het is een leervak in beweging.
Heb je na het lezen van deze themapagina nog vragen? Neem dan Contact met ons op!

Actueel
Op deze pagina wordt doorgelinkt naar de corona/protocol-pagina VO, veelgestelde vragen en RV-toets voor BSM en LO2.

Een sportieve keuze
Het vak BSM wordt aangeboden als keuzevak in het vrije deel. BSM op havo wordt op 216 scholen in Nederland aangeboden en BSM op vwo op 121 scholen. Gemiddeld kiest 25% van de leerlingen BSM op deze scholen.

Waarom wordt BSM als keuzevak aangeboden?
Voorbeelden van argumenten om BSM aan te bieden:
-    Een sportief profiel als school
-    Breed vakkenaanbod
-    Persoonlijke ontwikkeling
-    Een praktisch aansprekend examenvak.

Waarom kiezen leerlingen BSM?
Wil je naar de Academie voor Lichamelijke Opvoeding, of ben je geïnteresseerd in paramedische opleidingen (zoals fysiotherapie of bewegingstherapeut) of geüniformeerde beroepen (Defensie, politie). Wil je als vwo-er verdiepen in bewegingswetenschappen of sportmanagement. Misschien wil je als vrijwilliger nog verder verdiepen als scheidsrechter, als trainer of coach of als toernooiorganisator. Wil je later – of misschien nu meteen al wel – als vrijwilliger in de sport aan de slag? Als trainer bij de jeugd bijvoorbeeld, of als coach of als scheidsrechter? Of vind je het gewoon alleen maar heel plezierig om met sport bezig te zijn en zou je daarin best wel wat verder in willen verdiepen?

Wat moet je kunnen?
Je moet natuurlijk wel redelijk sportief zijn, maar je hoeft niet persé een goede sporter te zijn. Het belangrijkste is dat je erg geïnteresseerd en gemotiveerd bent in sport en bewegen en dat je wilt verdiepen in de achtergronden daarvan. Je moet het leuk vinden om in bewegingssituaties leiding te nemen. Bij BSM leer je verschillende rollen te vervullen van instructeur, coach, scheidsrechter, observator en als organisator.

Eindtermen BSM
Als examenvak staan de verplichte eisen beschreven van zestien eindtermen voor BSM op havo en negentien eindtermen voor vwo. De eindtermen zijn opgedeeld in vijf domeinen:
-    Vaardigheden
-    Bewegen
-    Bewegen en regelen
-    Bewegen en gezondheid
-    Bewegen en samenleving.
De officiële en actuele eindtermen en de toelichting zijn rechts te vinden bij 'meer informatie'.
 
Hoeveel tijd?
De studielast van 320 klokuren op havo en 440 uren op vwo betekent in de praktijk dat leerlingen drie tot vier lessen per week extra hebben naast de reguliere lessen LO. Naast deze lessen (contacttijd) moet je ook rekening houden met ongeveer een uur per week voorbereidingstijd (zelfstudietijd).

Verdieping en verbreding
Ten opzichte van het verplichte vak Lichamelijke Opvoeding wordt bij BSM een grotere verdieping en verbreding verwacht. Het programma BSM is vooral praktisch van aard. In beweging en al doende leren leerlingen veel en van elkaar. Verdieping betekent het dat onderdelen die ook bij LO worden aangeboden verder verdiept worden. Bijvoorbeeld als softbal ook bij BSM wordt aangeboden dan kan gespeeld worden in vaste teams met meer aandacht voor beter gooien en vangen, beter slaan en honklopen ook de verdieping in teamtactiek en spelanalyse. Verbreding bij BSM houdt in dat nieuwe en andere onderdelen (dan bij LO) worden aangeboden. Voorbeelden zijn flagfootball, cricket, polsstokhoogspringen en judo met judopakken. Biedt een school deze onderdelen al aan in het reguliere programma, dan kunnen andere activiteiten gekozen worden.

Ook theorie
Het examenvak BSM bestaat niet alleen uit praktische vaardigheden en regelvaardigheden. 30% van het eindcijfer wordt bepaald door theorie. De achtergrond van bewegen in relatie tot gezondheid, de samenleving en regelende rollen wordt uitgebreid behandeld. Bij BSM wordt deze theorie vaak direct in de praktijk toegepast.

Schoolexamen en eindcijfer
Het examenvak BSM wordt afgesloten met een schoolexamen. Als je BSM kiest dan komt het eindcijfer op je officiële cijferlijst bij je diploma te staan. Het landelijk gemiddelde eindcijfer van het schoolexamen BSM is al jaren stabiel op een 6,8 voor havo en een 7,2 voor vwo. Leerlingen die BSM kiezen hebben daarmee een grote kans op het behalen van een 7 op het diploma.

Toetsing
Elke school moet de eindtermen vertalen in een programma dat is vastgelegd in het Programma van toetsing en afsluiting (PTA). In het PTA wordt duidelijk welke keuzes de school maakt voor de praktische opdrachten, theoretische toetsen en handelingsdelen. Voor de praktische opdrachten zijn toetsvoorbeelden ontwikkeld waarin de eindtermen zijn vertaald in concrete beoordelingscriteria en zijn de niveaus beschreven hoe je daar als leerling aan deel kunt nemen. De school kan kiezen voor een methode of zelf materiaal ontwikkelen.

Wanneer is gestart met BSM?
In 1999 begonnen 19 scholen met het examenvak LO2 op havo. In 2007 was dat aantal gegroeid naar 67 scholen en veranderde de naam in BSM: Bewegen, Sport en Maatschappij. In schooljaar 2019-2020 deden bijna 5700 havo-leerlingen het schoolexamen BSM op 216 scholen. BSM op vwo werd op 121 scholen aangeboden, waar 1862 schoolexamen BSM afsloten met gemiddeld een 7,2.
Voor het examenvak Bewegen, Sport en Maatschappij (BSM) bestaat binnen de KVLO ook een apart scholingsnetwerk. Vanwege de doorlopende scholing is dit een betaald netwerk. Voor meer informatie over het scholingsnetwerk BSM.


Meer weten?

Team Onderwijs is bereikbaar van 09.00 tot 17.00 uur via 030 693 76 74.