Skip Navigation Linksthema

KVLOWat we doenVO in beweging

Schoolomgeving

Op deze pagina vind je relevantie informatie en tips voor een beweegvriendelijke schoolomgeving.
Heb je na het lezen van deze pagina nog vragen? Neem dan Contact met ons op!

Uit internationale onderzoeken blijkt dat de fysieke omgeving een belangrijke rol speelt in hoe actief jongeren zijn. Wanneer je aan de slag gaat met het beweegvriendelijk maken van de schoolomgeving is het van belang om met een aantal aspecten rekening te houden. 

Kenniscentrum Sport & Bewegen​ definieert de beweegvriendelijke omgeving nadrukkelijk breder dan alleen de fysieke omgeving (de hardware). 

​De beweegvriendelijke omgeving bestaat altijd uit drie elementen:

  • Hardware: de hardware bestaat uit de fysieke voorzieningen die sporten, spelen, bewegen en ontmoeten faciliteren.
  • Software: software staat voor het sport- en beweegaanbod, zoals activiteiten, interventies en begeleiding, maar ook communicatie en voorlichting. 
  • Orgware: orgware bevat alles wat betreft het proces om te komen tot het zichtbare aanbod (monitoring, onderhoud, beheer, visie, beleid, financiën en samenwerking).


Wanneer je verbinding legt tussen deze componenten kun je jongeren verleiden tot sporten, bewegen en ontmoeten in de schoolomgeving.


Op deze pagina gaan we in op de fysieke schoolomgeving. Binnen de Dynamische Schooldag zijn er verschillende bouwstenen benoemd die gaan over de hardware van de fysieke schoolomgeving, namelijk:

  • Schoolomgeving
  • Schoolplein
  • Schoolgebouw
  • Klas(lokaal)


Waarom werken aan de schoolomgeving?

De schoolomgeving kan leerlingen stimuleren om te bewegen als deze beweegvriendelijk is ingericht. Deze omgeving, en het schoolgebouw zelf, kunnen ingezet worden om leerlingen in beweging te brengen tijdens de lessen, tijdens de pauze en/of na schooltijd. Juist de pauze is voor leerlingen een belangrijk moment om even te bewegen. Zo kunnen ze hun energie kwijt en kunnen ze zich daarna beter concentreren tijdens de les. Ook draagt bewegen in de schoolomgeving bij aan de sociale vaardigheden van de leerlingen doordat zij moeten samenwerken of samen bewegen.


Wat kan je doen?

Er is bij de invulling van de beweegvriendelijke schoolomgeving een samenspel van de hardware, software en orgware.


Hardware:

  • Schoolomgeving: veilige schoolroute met fietspaden, voetpaden, veilige oversteekplaatsen, verlichting, autoluwe zones, kiss & ride zones ver van de ingang.
  • Schoolplein: 
    • beweegtoestellen (inclusief), zoals buitenfitness of calisthenics
    • sportvelden/basketbal/voetbal en andere specifieke ruimtes
    • afwisseling tussen steen, gras, groene elementen (voor schaduw en sfeer) en ruimte voor spel en sport
    • markeringen op de vloer
    • een goed onderhouden schoolplein
    • voldoende sport- en spelmateriaal 
  • Schoolgebouw:
    • trappen aantrekkelijk maken
    •  bewegwijzering of looproutes binnen de school
    • ruimtes voor actieve pauzes
    • beweeg- of sportfaciliteiten in of bij het gebouw (voldoende gymlokalen of sportaccommodaties, fitness, klimmuur)
  • Klas(lokaal):
    • actief meubilair zoals zit-sta-bureaus, deskbikes en wiebelkrukken
    • hulpmiddelen voor actieve werkvormen
    • technologie zoals een interactieve vloer


Software:

  • Schoolomgeving
    • campagnes of voorlichtingsactiviteiten om lopen/fietsen te promoten
    • competities of challenges ‘wie loopt/fietst’
    • betrekken van leerlingen bij ontwerp of inrichting van de schoolomgeving
  • ​Schoolplein:
    • pauzesport of spelactiviteiten begeleid of zelfstandig
    • buitenlessen
    • toernooien of challenges op het plein
    • vrij toegankelijk buiten lestijd
    • leerlingen betrekken in onderhoud en inrichting van het plein (wat willen zij?)
  • Schoolgebouw:
    • stimuleringsacties: bijvoorbeeld wie neemt de trap in plaats van de lift
  • Klas(lokaal):
    • bijvoorbeeld het inzetten van energizers of coöperatieve werkvormen met beweging
    • micro-pauzes met bijvoorbeeld yoga oefeningen of mindfulness
    • gebruik van spel, dans, drama die beweging in de les brengen


Orgware:

  • Schoolomgeving
    • samenwerking met gemeente, verkeer- & mobiliteitsdiensten
    • beleid voor auto’s rond school (parkeren, verkeersdruk)
  • Schoolplein:
    • beleid voor inrichting en gebruik plein
    • toezicht in pauzemomenten
    • afspraken over gebruik buiten lestijd
    • financiering en planning voor vernieuwingen/onderhoud op het plein
    • betrekken van buurt en ouders indien relevant
  • Schoolgebouw:
    • afspraken en facilitering voor inzet bewegen en sport bijvoorbeeld in aula (stoelen eruit?)
    • keuzes maken in rooster die bewegen stimuleren
    • toewijzing budget voor stimuleren bewegen in het schoolgebouw
  • Klas(lokaal):
    • professionalisering van docenten voor het inzetten van beweegmomenten tijdens de les
    • beleid dat beweging toestaat en stimuleert
    • evaluatie van effectiviteit of bijvoorbeeld het welbevinden van de leerlingen
    • structureren in rooster of planning van lessen dat dit toelaat, bijvoorbeeld beweeglokaal dat voor bepaalde vakken ingeroosterd wordt of zorg voor afwisseling tussen (zittend) leren en bewegen en plan lokalen van opeenvolgende vakken verder uit elkaar. Plan de lokalen bijvoorbeeld op een andere verdieping zodat leerlingen trappen moeten lopen. 
    • feedback van leerlingen over wat voor ze werkt.


Hoe doe je dat?

  1. ​​​Start met visie en draagvlak: waarom willen we dit en wat willen we bereiken? (Zie ook *beleid*) 
    1. ​​O​ntwikkel een visie op bewegen samen met de verschillende teams, ouders en leerlingen.
    2. ​Zorg dat het past binnen een breder beleid (welbevinden, schoolklimaat).
    3. Zoek ambassadeurs
    4. Breng de beginsituatie in kaart.​
  2. Richt je schoolomgeving beweegvriendelijk in (hardware). De fysieke ruimte bepaalt grotendeels wat kan, zowel binnen als buiten. Het gaat hierbij om de schoolomgeving, het schoolplein, het schoolgebouw en de klaslokalen.
  3. Integreer bewegen in het lesprogramma en stimuleer bewegen na schooltijd (software).
  4. Organiseer activiteiten en routines (software en orgware): structurele momenten inbouwen zorgt voor gewoontevorming, denk aan pauzesport of een beweegweek of Gezonde School week.
  5. Werk samen met partners (orgware). Zie “met wie werk je hieraan? (hieronder)” 
  6. Evalueer en verbeter: wat werkt en wat werkt niet? Verzamel feedback, pas aan en blijf vernieuwen. 


Met wie werk je hieraan?

Werken aan een beweegvriendelijke schoolomgeving is een samenwerkingsproces. Je kunt dit niet alleen als docent of als schoolleiding doen. Het vraagt om betrokkenheid van verschillende mensen en organisaties, binnen en buiten de school. Hieronder vind je een overzicht van wie je kunt betrekken:


Binnen de school

  • Schoolleiding/directie: voor het bepalen van visie en beleid, roostering en budget.
  • Vakdocenten: om bewegen praktisch toe te passen tijdens hun les en daarnaast ook om mee te denken over werkvormen of mogelijkheden.
  • LO-docenten: hebben expertise op het gebied van bewegen en zijn vaak de spil in het stimuleren van sport- en beweegactiviteiten.
  • Mentoren: om bewegingsbehoefte en effect te signaleren en beweging te stimuleren.
  • Conciërges: belangrijk bij de inrichting, gebruik en onderhoud van ruimtes en het schoolplein.
  • Leerlingen: meedenken en mede-organiseren van activiteiten (sportcommissie, leerlingenraad, juniorcoaches).
  • Ouders/ouderraad: draagvlak en hulp bij activiteiten.
  • Zorg voor een beweegteam op school dat structureel aan de slag gaat met het beweegbeleid. Zij maken een duidelijke rolverdeling en agenderen het item regelmatig. In het beweegteam zitten bijvoorbeeld een LO-docent, mentor, schoolleider, leerlingen en een ouder. 


Buiten de school

Ook buiten de school zijn er mogelijke samenwerkingspartners te vinden. Gebruik bij het vormgeven van de fysieke schoolomgeving netwerken als Gezonde School, Lokale Sportakkoord of JOGG-gemeente.

  • Gemeente: voor beleidsmatige en financiële ondersteuning, denk aan sportakkoord, gezonde jeugd en omgevingsbeleid.
  • GGD: expertise op gebied van gezondheid en leefstijl.
  • Buurtsportcoach of combinatiefunctionaris: verbindt school met sportverenigingen en buurtinitiatieven of organiseert beweegactiviteiten.
  • Sportverenigingen: aanbieden van workshops, clinics en de organisatie van sportdagen.
  • JOGG-regisseur (indien aanwezig): coördinatie van JOGG-aanpak binnen de gemeente.
  • Gezonde School Adviseur: inhoudelijke begeleiding bij de implementatie van leefstijlthema's op de school.
  • Bedrijfsleven: er zijn zowel bedrijven die kunnen helpen met de inrichting van de schoolomgeving als bedrijven die specifieke producten aanbieden om beweging te stimuleren op school. 


Voorbeelden


Meer weten?

Team Onderwijs is bereikbaar van 09.00 tot 17.00 uur via 030 693 76 74.